Wanneer er sprake is van ernstige en hardnekkige problematiek die niet of onvoldoende binnen de schoolcontext kan worden onderzocht of begeleid, wordt een externe deskundige geraadpleegd. Dit zijn vaak (postacademisch geschoolde) orthopedagogen of psychologen die zich hebben gespecialiseerd in rekenproblemen en dyscalculie. Bij het uitgebreide diagnostisch onderzoek dat zij verrichten om vast te stellen of er bij de betreffende leerling sprake is van dyscalculie, baseren zij zich op de richtlijnen van het protocol Dyscalculie: Diagnostiek voor Gedragsdeskundigen (protocol DDG).

Protocol DDG voor gedragsdeskundigen in de zorg

Het protocol DDG bevat theoretisch en empirisch verantwoorde richtlijnen voor de complexe diagnostiek van dyscalculie. Daarnaast biedt het suggesties welke test- en toetsmiddelen ingezet kunnen worden om de verschillende variabelen te onderzoeken. In de bijlagen van het protocol zijn onder andere twee voorbeeldverslagen (één volgens het HGD-model en één volgens het HTM-model) opgenomen.

Het protocol DDG is een onmisbaar instrument voor de orthopedagoog/psycholoog om verantwoord diagnostisch onderzoek te kunnen doen naar dyscalculie.

Het ‘Protocol Dyscalculie: Diagnostiek voor Gedragsdeskundigen’ (2e herziene druk) is te bestellen via www.graviant.nl of direct door middel van een e-mail aan j.e.h.vanluit@uu.nl.